Ik spreek af met directeur John Martens in gebouw zes op het Innovatiepark. Instructie: na binnenkomen van de poort op twee uur. Het blijkt geen overbodige tip.

Het terrein van Koninklijke Martensgroep in Oosterhout is groot genoeg om te verdwalen. Sterker nog, er zijn twee zulke terreinen. De Martensgroep bestaat uit zeven werkmaatschappijen waarvan er drie zich in het buitenland bevinden. Het is een groot bedrijf.

De Geschiedenis
Het verhaal van Martens start in 1881 wanneer metselaar H.H. Martens besluit naast het aannemerschap de cementwarenfabricage in te gaan. Achter de Rulstraat 2 in Oosterhout ontstaat al snel een grote opslagplaats van diverse betonnen producten en er komen grote bouwprojecten op het pad.

Er worden producten als betonnen schuttingen maar ook grafmonumenten en marmerwerken aan het assortiment toegevoegd, en het bedrijf loopt voorspoedig

In het 50-jarig jubileumboekje van 1931 wordt vol trots gemeld dat het bedrijf in bezit is van vier eigen vrachtwagens en het een oppervlakte beslaat van twee hectaren! Men heeft dan de ambitie om naar vijf hectaren te groeien.

Anno nu
Terug naar 2016. De Koninklijke Martensgroep is in bezit van 64 hectare grond en heeft een hele vloot wagens. Een eigen langshaven garandeert het soepele lossen van schepen die grondstoffen komen brengen. En de vele loodsen en fabrieken worden van elektriciteit voorzien door drie grote windmolens. Vrachtwagens met grondstoffen en trucks met kant-en-klare producten rijden af en aan. De verschillende fabrieken draaien op volle toeren.

Diversificatie en innovatie
Begin jaren ’80 is ook een kunststoffenfabriek ingericht. Die tak van sport doet het zo goed dat het grootste deel van de omzet van Martens nu van de kunststoffen komt. Sterker nog, de Koninklijke bevoorraadt heel de Doe Het Zelf-markt in Nederland. Kijk maar eens op de buizen, koppelstukken en andere pvc onderdelen als je weer eens in een bouwmarkt bent. Wedden dat die van Martens komen?

Ook betonnen rioolbuizen zijn aan innovatie onderhevig. Zo zijn er sinds een paar jaar de poreuze buizen die het toelaten dat regenwater door de buiswand kan sijpelen. Dit is nodig omdat we in onze bouwprojecten de grond vaak afsluiten en water niet meer de grond in loopt maar helemaal wordt afgevoerd.

De sfeer is overal gemoedelijk. De medewerkers zijn trots op wat ze doen en vertellen graag over het vakmanschap.

Zo veel meer
De rondleiding door directeur en medewerkers voert me langs de fabricage van standaard en modulaire rioolputten, dijkblokken, PVC extrusie- en injectie-afdelingen, rioolbuisfabricage, de technische dienst en de kantoren. De sfeer is overal gemoedelijk. De medewerkers zijn trots op wat ze doen en vertellen graag over het vakmanschap dat, ook al is veel geautomatiseerd, nog steeds erg belangrijk is.

Er valt nog veel meer te vertellen over het bedrijf, zoals de prijs voor het creatieve ondernemerschap in 2008. Of de grote brand in 2001 en hoe snel ze daar bovenop kwamen. Over het verkrijgen van het stempel koninklijk, het verhaal van de boom, hoe goed er met de medewerkers wordt omgegaan, hoe graag ze er werken enzovoort, enzovoort.

Ik verlaat het terrein met een hoofd vol nieuwe indrukken en het voornemen een leuk artikel te schrijven.

 

Previous post

Blind Walls Gallery geeft grauwe stadsmuren kleur

Next post

Breda Centraal is meer dan een station

The Author

Jörgen Janssens

Jörgen Janssens

Als rasechte Bredase fotograaf en maker van (jubileum) boeken, bezoekt Jörgen uiteenlopende evenementen en bedrijven. Daar legt hij de stad en omgeving in al haar schoonheid en bedrijvigheid vast.